Vraag 1
(Bij hoofdstuk 24) In computergames kan de speler de rol aannemen van een karakter, dir wordt als typisch voor computergames gezien in bijvoorbeeld film kan dit niet.
“[…] film viewers can be characterized by a perceptive, affective, and cognitive participation, but with bodily activation absent or limited to physically on the film.” (p. 378)
Wellicht kan het bij andere media toch op andere manieren gebeuren en erg actief worden geparticipeerd zoals Jenkins ook in zijn onderzoek aantoont. Is het dan niet beter te stellen dat het bij iedere media op een andere manier vorm krijgt?
Vraag 2
(Bij hoofdstuk 4) Er worden twee soorten meaningfull play beschreven in dit hoofdstuk waarbij wordt gesteld dat:
“Discernable means that the result of the game action is communicated to the player in a perceivable way”
Klopt het dat dit heeft te maken met het succes van de geloofwaardigheid van de simulatie (door willing suspension of disbelief), omdat wanneer dit niet op deze manier gebeurd de kijker uit de illusie haalt?
Vraag 3
In de tekst Playing History. Reflections on Mobile and Location-Based Learning wordt beweerd dat leren door te doen betere resultaten oplevert dan wanneer dit door lesgeven wordt gedaan (p. 151). En hoewel ik mij hier iets bij voor kan stellen vraag ik me toch af in welke opzichten dit beter is (specifieke voorbeelden ontbreken)? Onthouden ze het langer? Gemakkelijker? Meer?
Vraag 4
Welke manieren van participeren en welke vorm van meaningfull play zijn te onderkennen in Frequency 1550?
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

1 opmerking:
blogspot is great and you greatist that shareing all dacouments which is useifull for all.
Een reactie posten